Koolstofneutrale brandstoffen: een stand van zaken

Ga terug naar het overzicht
hernieuwbare vloeibare brandstoffen

Op ons congres met de titel “reFuel The Future” konden “future fuels” natuurlijk niet ontbreken, dus gaf Dr. Ing. Hajo Hoffmann een update over hernieuwbare vloeibare brandstoffen. Als ingenieur staat hij aan het hoofd van de kwaliteitscontrole bij TEC4FUELS, een Duits bedrijf dat werd opgericht in 2015 en zich specialiseert in de analyse van vloeibare brandstoffen. TEC4FUELS bestudeert onder meer de kwaliteit en het verouderingsgedrag.

De huidige situatie: van mazout tot biodiesel

In Duitsland, de thuisbasis van Hoffmann, zijn er verschillende soorten mazout op de markt. Er wordt bijvoorbeeld verwarmd met zwavelarme stookolie zoals in België, maar ook met milieuvriendelijkere alternatieven zoals 20% biodiesel of 100% alternatieve vloeibare brandstoffen. Biodiesel heeft het voordeel dat het makkelijk biologisch afbreekbaar is. Daartegenover staat dan weer de beperktere houdbaarheid: je mag de brandstof geen jarenlang in je tank laten staan, wat bijvoorbeeld bij renovaties een probleem kan opleveren (wie een huis koopt met een gevulde tank, jarenlang verbouwt en ondertussen elders woont, kan de aanwezige biodiesel mogelijk niet meer gebruiken).

Ook alternatieve brandstoffen zijn al aanwezig op de markt, zoals HVO, Gas-to-Liquid- of Power-to-Liquid-brandstoffen. Op dit moment worden er nog volop tests en experimenten uitgevoerd met deze hernieuwbare vloeibare brandstoffen.

Richtlijnen voor hernieuwbare vloeibare brandstoffen

Hernieuwbare vloeibare brandstoffen moeten natuurlijk voldoen aan een aantal vereisten, zoals de richtlijn hernieuwbare energie of de Renewable Energy Directive, die in december 2018 nog door de Europese Unie werd herzien. De richtlijn moet Europa begeleiden in haar overstap naar schone energie, zoals wind- en zonne-energie, en stelt onder meer dat vloeibare brandstoffen de CO2-uitstoot voldoende moeten beperken, niet met bestaande toepassingen mogen concurreren en dat er voldoende grondstoffen voor beschikbaar moeten zijn.

Duitsland legt daar nog extra regels bovenop, zoals de vereiste dat de brandstoffen compatibel moeten zijn met de bestaande infrastructuren, systemen en met traditionele vloeibare brandstoffen. Geen enkele consument zal immers van de ene op de andere dag overstappen: een mengvorm van de klassieke en nieuwe brandstoffen maakt een graduele energietransitie mogelijk.

HVO in bestaande installaties: blauwe vlam

Met waterstof behandelde plantaardige olie (HVO) is een van de belangrijkste nieuwe brandstoffen die voldoet aan de vereisten die we net vermeldden. Wanneer HVO in bestaande installaties wordt gebruikt, is de verminderde roetproductie met het blote oog onmiddellijk zichtbaar:

 

E-fuels met surplus aan hernieuwbare energie

Power-to-Liquidbrandstoffen (PtL) of e-fuels zijn een andere denkpiste. Deze synthetische brandstoffen worden gemaakt met hernieuwbare elektriciteit (afkomstig van zonnepanelen of windmolens) en CO2 als grondstof. Dit gaat als volgt: uit hernieuwbare elektriciteit wordt via electrolyse waterstof gemaakt, dat op zijn beurt gecombineerd wordt met het broeikasgas CO2 tot een synthetische brandstof. Het proces levert niet alleen stookolie op voor verwarmingsdoeleinden, maar ook kerosine, benzine, diesel en daarnaast ook wax voor bijvoorbeeld gebruik in schoonheidsproducten.

Hernieuwbare vloeibare brandstoffen

Vertaling legende:

Electrolyse

Bio residu, afval, algen

Synthetische brandstof

Chemische producten

Kerosine

Stookolie

Diesel en bezine

Biomass-to-Liquidbrandstoffen: in volle ontwikkeling

Het Karlsruhe Institute of Technology (KIT) experimenteert momenteel volop met Biomass-to-Liquidbrandstoffen gemaakt van onder meer biologische resten van de land- en bosbouw. Die grondstoffen hebben het voordeel dat er geen bijkomende landbouwgrond voor moet worden vrijgemaakt én dat ze niet concurreren met de grondstoffen die nodig zijn voor onze voedselproductie. Aan het KIT wordt onder andere het zuurstofrijke OME (Oxy Methylene Ether) gemaakt, terwijl onder meer in grote teststations aan de Technische Universität München algen worden omgezet naar BtL-brandstof.

 

Tests op het terrein: 80% minder CO2

Het Duitse Institute for Heating and Oil Technology (IWO) voerde van augustus 2017 tot januari 2019 tests uit waarbij het hernieuwbare vloeibare brandstoffen in elf bestaande particuliere installaties introduceerde, goed voor 23.000 liter brandstof. Nadat in die elf woningen de basis werd gelegd in de vorm van een betere isolatie en een renovatie  van het verwarmingssysteem, leverde het gebruik van met waterstof behandelde plantaardige olie (HVO) een CO2-vermindering van maar liefst 80% op. In een woning van dertig à veertig jaar oud in de Duitse gemeente Barnstorf waar momenteel nog een pilootproject  aan de gang is werd zelfs een CO2-vermindering  van 92% opgetekend.

Gerelateerde berichten

Een energie-efficiënte woning is dé reden waarom mensen hun huis verbouwen. Ontdek hier alle...
Mazout heeft een mooie toekomst. Stookolie laat zich bijvoorbeeld combineren met hernieuwbare...